Je eerste Judowedstrijd?あなたの最初の柔道の試合


Binnenkort je eerste echte judowedstrijd? Dat is best wel spannend voor de meeste judoka’s en natuurlijk ook voor je ouders. Het klinkt natuurlijk best wel een beetje eng dat je moet vechten tegen iemand anders. Wie is je tegenstander? Is hij/zij groot of juist klein en is hij/zij sterk of niet zo sterk?

In elk geval is iedereen in een poule (=groepje judoka’s die tegen elkaar moeten judoën) ongeveer even zwaar. Daarom is het belangrijk dat je bij het opgeven voor een wedstrijd het juiste gewicht invult. Voor de judowedstrijd wordt iedereen dan ook gewogen. Als iemand veel zwaarder is dan opgegeven kan het gebeuren dat diegene wordt gediskwalificeerd.

Ippon Seoi Nage

Hoe zwaar iemand maximaal mag zijn staat op het wedstrijdkaartje dat alle judoka’s hebben gekregen. Contoleer als je het kaartje van je trainer krijgt dan ook altijd het opgegeven gewicht. Mocht het zijn dat je zwaarder bent dan toegestaan in de poule waarvoor je je hebt opgegeven, dan kunt je jezelf laten ompoulen (d.w.z. in een andere poule laten indelen). Wanneer dit kan staat op het wedstrijdkaartje en ook naar welk telefoonnummer je dan moet bellen.

Weet je al wat je mee moet nemen naar de wedstrijd? Je hebt nodig je witte judopak, je band en het wedstrijdkaartje. Let op, alleen een blauw judopak is niet toegestaan! Alleen meisjes mogen een T-Shirt aan onder hun judopak, deze moet wit zijn. Als je je haar in een staart of knotje hebt, zorg dan dat je een elastiek zonder een staaltje in je haar doet. Ook mag het haar niet los over de schouders hangen, want anders kan de tegenstander je pak en je haar vastpakken.

Hoe laat je aanwezig moet zijn staat op het wedstrijdkaartje onder weging. Alle judoka’s dienen zich, in judopak, op tijd bij de weging te melden. Als het gewicht klopt komt er een aantekening of stempel op het wedstrijdkaartje. Op het kaartje staat op welke mat je moet judoën, neem het kaartje mee naar de mat en lever het daar in.

Vervolgens moet je vaak op een van de bankjes naast de mat gaan zitten en wachten tot je opgeroepen wordt door iemand van de wedstrijdtafel. Als je een rode band om krijgt ga je aan de “rode kant “ (zie scorebord, dit kan soms ook blauw gekleurd zijn) staan en degene diezonder extra band krijgt gaat hier tegenover (de witte kant) staan.

Mate!

De wedstrijd begint als de scheidsrechter HAJIME roept en is over als de scheidsrechter SOREMADE zegt. Tussendoor stopt het spel als de scheidsrechter MATE roept. Het einde van de wedstrijd kan op twee manieren gebeuren; als een judoka een IPPON scoort of als de tijd voorbij is.

Als je score maakt, komt dit op het scorebord te staan. Als je een IPPON (10 punten) scoort dan heb je gewonnen. heb je geen ippon gescoord dan kun je op het scorebord zien wie heeft gewonnen. Voor de jeugd geldt dat het de judoka is met een WAZA-ARI's (7 punten) of de judoka met de minste SHIDO's. Twee WAZA-ARI's samen zijn ook een Ippon.

Een WAZA-ARI kun je scoren als je je tegenstander goed werpt, maar net niet helemaal in een keer op de rug. Een IPPON krijg je als je de tegenstander in een keer met voldoende kracht, controle en zonder een rol op zijn/haar rug werpt. De winnaar brengt het geworpen pittenzakje terug naar de wedstrijdtafel en zegt even zijn naam.

Als je gewonnen hebt, telt de hoogste score. Aanwijzingen (SHIDO's) leveren alleen bij een gelijke stand een resultaat; de judoka met de minste SHIDO's wint dan. Is de stand exact gelijk, dan beslist de scheidsrechter (een punt). Deze laatste twee regels gelden specifiek voor judoka's tot 12 jaar.

Scorebord

Op het pouleformulier noteert de tafel de punten voor iedere judoka. De judoka met de meeste gewonnen wedstrijden wint. Bij gelijke aantallen wordt de score leidend.

Helemaal aan het eind van het tijdsblok waarin je judood worden de prijzen uitgereikt.

Namens de Judoclub heel veel succes!